zondag 29 april 2012

Natuur Paddestoelen Zadelkluifzwam

natuur-paddestoelen-zadelkluifzwam
natuur-paddestoelen-zadelkluifzwam

















Deze zeldzame zadelkluifzwam waargenomen op Selwerderhof vorig najaar.

Een paddenstoel met lichtgrijze of lichtbruine hoed is aanvankelijk beker- of schotelvormig die later zadelvormig omklapt. De steriele buitenkant van deze paddenstoel is fijn viltig. De steel gekleurd als de buitenkant van de hoed of iets lichter lang en slank, zonder ribben of groeven.

Ze komen voor vanaf juli tot oktober in vochtige loofbossen en gemengde bossen, graag op lemige bodems. Deze paddenstoel is als zeldzaam aangemerkt.

vrijdag 27 april 2012

Natuur Insecten Lieveheersbeestje


insecten
Geen enkel diertje kent zoveel verschillende namen als het lieveheersbeestje. Mariakever, Heiligenkever, Lievevrouwenworpjes, Hemelskoetje, Zonnekever of Gelukskever, het zijn er slechts enkele. Ze worden gezien als de voorboden van voorspoed en geluk.
De meeste lieveheersbeestjes en hun larven leven van bladluizen en daarom worden ze in de glasteelt ook gebruikt om bij de bestrijding van plagen te helpen.
De kleurige soorten hebben een sterke en vieze geur en smaken slecht, zodat vijanden ze niet gauw zullen eten.
Wist je dat het aantal stippen niets te maken heeft  met de leeftijd?




insecten
Kenmerken
Helder gekleurde keversoort, meestal rood of geel met zwarte stippen. Ovaal, bijna rond van vorm. Een groot deel van de kop en het borststuk wordt bedekt door het halsschild, het achterlijf is bedekt door de twee dekschilden (de harde voorste vleugels).

Paartijd
In april en mei. Er worden 100 tot 200 eieren gelegd. De totale levenscyclus (ei - larve - pop- kever ) duurt 4 tot 7 weken. Voedsel Bladluizen, behalve het 24 stippelig lieveheersbeestje, dat zich met plantenmateriaal (klaver) voedt.

donderdag 26 april 2012

Natuur Vogels Graspieper

vogels-graspieper
vogels graspieper


















De graspieper behoort tot de familie van de kwikstaarten en lijkt qua kleur en grootte sterk op de veldleeuwerik, maar onderscheid zich door de dunnere snavel en langere staart. Net als leeuweriken hebben ook piepers een zangvlucht, waarbij de vogel opstijgt en al zingend omhoog vliegt. Aan het einde van vlucht laat de vogel zich met gespreide vleugels en staart naar beneden vallen om weer te landen.

De graspieper geeft de voorkeur aan open terrein en is aan te treffen op grasland, heide, kwelders en hoogveen. Ook het nest wordt op de grond gebouwd, maar is wel goed verstopt tussen de planten. Het leefgebied van de vogel is een goede manier om de graspieper te onderscheiden van de boompieper die voornamelijk in gebieden met bomen leeft.

(bron: vogelvisie)

Natuur Vogels Spreeuwen - Sturnidae


De spreeuw heeft is in het  najaar bedekt met talrijke witte stippen. In de loop van de winters slijten de veren echter, waardoor het verenkleed in de zomer geheel zwart is en een groene of paarse glans heeft. De spreeuw kan verward worden met de merel, maar naast het verschil in verenkleed is de spreeuw ook te onderscheiden door de kortere staart en de spitse, driehoekige vleugels.
Ook is de vlucht veel sneller en met glijpauzes. De spreeuw zingt met gespreide vleugels een serie hoge, langgerekte tonen, afgewisseld met korte klikkende of knarsende geluiden.

De spreeuw is een luidruchtige vogel en broedt meestal alleen, maar soms ook in kolonies in boomholten of gaten in de grond. De vogel vormt buiten de broedtijd vaak grote tot zeer grote zwermen en kan dan veel schade veroorzaken, met name aan boomgaarden met fruitbomen.

(bron: vogelvisie)

woensdag 18 april 2012

Natuur Insecten Libellen Viervlek Libel - Libellula quadrimaculata


De oplossing over de naam van deze libel , gefotografeerd in de zomer van 2010 door een bewoonster uit de Groninger wijk Paddepoel, is dus de viervlek die behoort tot de familie korenbouten (libellulidae) en tref je doorgaans bij algemeen stilstaand water.

Kenmerken
40-48 mm. Libellen met een vrij breed achterlijf dat taps toeloopt en in een punt eindigt. Mannetjes en vrouwtjes vergelijkbaar getekend. Achtervleugels met een donkere vlek in de basis. De aders in de donkere vlekken zijn opvallend geel. Halverwege de voorranden van de vleugels staat een donker vlekje, dat niet voorkomt bij andere libellensoorten. Sommige exemplaren hebben bij deze vlekjes, en bij de pterostigma’s, een extra donkere veeg in de vleugels (vorm praenubila). Achterlijf bij jonge dieren overwegend oranje met contrasterende zwarte punt. De segmentranden hebben gele zomen.

dinsdag 17 april 2012

Natuur Insecten Libellen Gewone Oeverlibel


natuur-insecten-gewone oeverlibel-mannetje
natuur-insecten-gewone oeverlibel-vrouwtje
Deze libel –links het mannetje en links het vrouwtje - is de grootste en algemeenste oeverlibel en behoort tot de familie korenbouten (libellulidae) en komen zeer algemeen voor in heel Nederland. Het mannetje hebben we in onze tuin in de Groningerwijk Paddepoel mogen waarnemen.

Kenmerken
44-50 mm. Groter dan andere oeverlibellen. Het achterlijf is pijlvormig: het begint breed, eindigt in een punt en heeft rechte zijkanten. Het gezicht is geel tot bruin. De pterostigma’s zijn zwart. Mannetje: uitgekleurde mannetjes hebben een blauwberijpt achterlijf met een duidelijke zwarte punt. Aan de buitenranden van de segmenten staan gele streepjes, die bij oude mannetjes verdwijnen onder nog meer blauwe berijping. Het borststuk is bruin, zonder blauwe berijping. Jonge mannetjes die nog geen berijping op het achterlijf hebben, zien eruit als vrouwtjes. Vrouwtje: grondkleur van het lichaam (zowel achterlijf als borststuk en gezicht) geel. Op de bovenkant van het achterlijf lopen twee dikke zwarte lengtestrepen.
Habitat
Allerlei stilstaande en zwak stromende wateren, liefst op plaatsen met kale oevers.

maandag 16 april 2012

Natuur Insecten Kevers Penseelkever

















De penseelkever (Trichius fasciatus) is een insect uit de familie bladsprietkevers (Scarabaeidae). Soorten Er zijn ook andere soorten die sterk gelijken en penseelkever worden genoemd, maar Trichius fasciatus is de bekendste soort. In Nederland en België komt Trichius zonatus het meest voor maar niet in het overgrote deel van het verspreidingsgebied van de diverse soorten penseelkevers. Een andere soort is T. abdominalis, de levenswijze van de verschillende soorten is grotendeels gelijk. Beschrijving De tekeningen hebben per soort een iets ander patroon, maar er is echter een overlap, sommige exemplaren zijn eerder zwart met gele vlekjes, en determinatie is soms alleen mogelijk onder de microscoop door naar de geslachtsdelen te kijken. Het uiterlijk is verder kenmerkend; een zeer sterk behaard lichaam, behalve op de dekschilden die een kleur en tekening hebben van een wesp of bij en in combinatie met de beharing wordt menig predator op het verkeerde been gezet door deze vorm van mimicry. De beharing zorgt ook voor de overdracht van stuifmeel, waardoor deze kever een rol speelt in de bestuiving van bloemen. De lengte is ongeveer 12-15 millimeter. Levenswijze De penseelkever eet de zachtere delen van planten, liefst delen van witte bloemen, en de voorkeur gaat uit naar bepaalde schermbloemigen, hoewel ook andere planten worden gegeten, zoals els, meidoorn, margriet en liguster. De larve leeft in en van rottend hout en is tweejarig, de volwassen kever is van juni tot augustus te zien.
 (bron: wikipedia)

zondag 8 april 2012

Natuur Vogels Sperwer

natuur-vogels-sperwer
De dag kan niet meer stuk. Rijdend door het Groninger land kwamen we even voorbij Oosterwijtwerd deze  sperwer tegen een roofvogel die ik voor het eerst mocht waarnemen.

De sperwer heeft een kenmerkende manier van jagen, de vogel vliegt behendig langs struiken en tussen bomen door, waarbij gebruik wordt gemaakt van iedere beschutting. De vogel vliegt hierbij in een cirkelvormige vlucht, afgewisseld met telkens drie of vier vleugelslagen. Ondertussen speurt de sperwer naar zangvogels, het belangrijkste voedsel, die in een verrassingsaanval gevangen worden.

Het vrouwtje is bij de sperwer beduidend groter dan het mannetje. Het verenkleed van het mannetje is grijzer dan dat van het vrouwtje. De sperwers die in Nederland broeden trekken in de winter zelden weg. De populatie wordt 's winters echter aangevuld met duizenden vogels uit het noorden. In de winter verlaat de sperwer de bossen en is dan ook in steden en dorpen te zien.

Natuur Bloemen en Planten Sundaville Rood



Deze mooie rood bloemende plant, een favoriet tijdens de bloemetjesmarkt in Groningen,  komt in bloei in mei/juni en gaat door tot aan de vorst. De plant verlangt regelmatig water door zijn uitbundige groei en bloei en de plant klimt graag waardoor deze een steuntje nodig heeft. 



De Dipladenia moet vorstvrij overwinteren om het volgende jaar ook volop van te kunnen genieten.



vrijdag 6 april 2012

Natuur Dieren Honden Border Collie


Bij de schapenintocht in Groningen de border collie die de kudde bij elkaar houdt en zeer actief is. We hebben het even opgezocht.

De border collie is een middelgroot hondenras uit de groep herdershonden.. Het is een populaire hond die ingezet wordt bij verschillende sporten waaronder nog steeds schapendrijven, de taak waarvoor hij oorspronkelijk werd gefokt.

Oorsprong en geschiedenis
De border collie is afkomstig uit het gebied dat men "the Border" noemt, tussen Engeland en Schotland, daar werden ze gebruikt voor het drijven en hoeden van schapen. Hoe de naam bordercollie is ontstaan is erg onduidelijk, er bestaan namelijk vele verklaringen voor deze naam. Het zou een verwijzing kunnen zijn naar hun witte kraag "collar". Ook "coaly" een afleiding van "coal" wat steenkool betekent in het Engels. Het kan ook verwijzen naar het type schaap waarmee er veel werd gewerkt "coalies". Of een woord dat de Kelten gebruikten voor bruikbaar "colley".

Uiterlijk
De reuen kunnen een schofthoogte bereiken van 53 cm. De teefjes blijven meestal iets kleiner. Algemeen geldt dat bordercollies harmonieus gebouwd moeten zijn. Het silhouet moet sierlijk zijn, echter zonder fijnheid. De collie moet tonen dat hij gemakkelijk in staat is om lang achter elkaar actief te zijn. De bordercollie dient uithoudingsvermogen te hebben en snel en schrander te zijn. Het lichaam moet matig lang zijn met goed gebogen ribben, diepe en tamelijk brede borstkas. Brede en sterke rug en goed gespierde en licht gebogen lendenen. Achterhand breed en gespierd, waarbij het kruis vloeiend verloopt richting staartwortel. Krachtige sprong, en tamelijk laag geplaatst. Krachtige hals, iets breder wordend naar de schouders toe.

Natuur Vogels Meeuwen Kleine Mantelmeeuw

natuur-vogels-kleine mantelmeeuw
natuur-vogels-kleine mantelmeeuw

De kleine mantelmeeuw is ongeveer net zo groot als de zilvermeeuw, maar heeft een veel donkerder rug, bijna zwart in plaats van lichtgrijs. Hiermee lijkt de vogel op de grote mantelomeeuw, die echter duidelijk groter is en roze in plaats van gele poten heeft. Jonge vogels hebben een verenkleed dat bedekt is met kleine bruine vlekken, die pas na ongeveer vier jaar geheel verdwenen zijn. Tot deze tijd is de kleine mantelmeeuw moeilijk te onderscheiden van enkele andere soorten meeuwen.

Nestelen doet de kleine mantelmeeuw meestal in kleine kolonies, vaak met andere soorten meeuwen. Het nest wordt op vlak terrein gebouwd tussen wat begroeiing of andere beschutting. In de winter trekt een groot gedeelte van de Nederlandse broedvogels naar het zuiden, terwijl een kleiner aantal vogels uit het noorden in Nederland overwintert.

woensdag 4 april 2012

Natuur Nationaal Park De Biesbosch

De Biesbosch ontstond door een samenspel tussen water, natuur en mensenhanden. In dit ontoegankelijke gebied - een mooie schuilplaats tijdens de oorlog - verdienden griendhakkers, rietsnijders, biezenvlechters, jagers, eendenkooikers en boeren op afgelegen boerderijen een karige boterham. Na 1970 verdween deze eeuwenoude cultuur door het wegvallen van de getijden. De natuur kreeg vrij spel en enkele polders werden ingericht als drinkwaterbekken.
De Groote of Zuidhollandsche Waard was in de Middeleeuwen een welvarende streek waar landbouw, fruitteelt, en turf- en zoutwinning de voornaamste middelen van bestaan waren. Het gebied moet er ongeveer hebben uitgezien als de Krimpenerwaard of de Alblasserwaard in de negentiende eeuw: met veel water, boerendorpjes langs de rivierdijken en langs de ontginningspaden in de polder, maar ook met hier en daar een kasteel.

In één nacht, van 18 op 19 november 1421 veranderde de Sint Elisabethsvloed dit gebied in een binnenzee van 30.000 ha. De reeds anderhalve eeuw oude, omringende dijk brak door in het zuidwesten, ongeveer waar nu de Moerdijkbruggen liggen, op diverse plaatsen. Als gevolg van deze overstroming verdwenen naar schatting zestien dorpen van de landkaart.

Een foto-impressie: klik hier

zondag 1 april 2012

Natuur Vogels Fazant

natuur-vogels-fazant
natuur-vogels-fazant


Bij de fazant, behorende tot de hoendervogels, is het mannetje veel bonter gekleurd en ook groter dan het vrouwtje. Het belangrijkste gezamenlijke kenmerk is de opvallend lange staart. De fazant is een bodemvogel die bij gevaar eerst lopend probeert te vluchten, pas als dit niet effectief blijkt zal de vogel in een korte vlucht proberen te ontkomen.

De fazant komt van oorsprong niet in Nederland voor, maar is een paar eeuwen geleden voor de jacht vanuit Azië geïmporteerd. Verwilderde exemplaren konden goed stand houden in het gevarieerde platteland van Nederland. Tegenwoordig is er sprake van een lichte afname in het aantal fazanten, mede doordat de vogel nog steeds bejaagd wordt, maar ook door het verdwijnen van de geschikte leefomgeving.

(bron: vogelvisie)